maandag 10 augustus 2009
De WOZ-waarde van onroerend goed neemt ‘in de fiscale wereld’ een steeds belangrijker rol in. De gemeenten gebruiken de WOZ-waarde al sinds jaar en dag als heffingsgrondslag voor de onroerendezaakbelastingen. Sinds 2007 wordt de WOZ-waarde ook gebruikt om de afschrijvingsruimte voor ondernemingen te bepalen. Al met al reden genoeg om de (jaarlijkse) vaststelling van de WOZ-waarde kritisch te bekijken.
Nu brengt de huidige economische crisis grote onzekerheden op de vastgoedmarkt met zich mee. Zowel de markt voor zakelijk vastgoed als de woningmarkt bevinden zich in een dalende tendens. Dit heeft natuurlijk ook invloed op de WOZ-waarde van uw panden. Er is een grote kans dat deze waarde door de gemeente op basis van verkooptransacties in de voorgaande economisch gunstiger periode is gebaseerd. Als dit het geval is dan is de waarde waarschijnlijk op een te hoog niveau vastgesteld.
Een ander punt van aandacht is de werktuigenvrijstelling in de WOZ. Werktuigen behoren niet tot het gebouw en moeten dan ook fiscaal niet aan het gebouw worden toegerekend. Denk daarbij aan aggregaten, weegapparatuur, meters etcetera. Let op of deze werktuigen bij de waardebepaling zijn toegerekend aan de WOZ-waarde. Is er sprake van een werktuig dat dienstbaar is aan het gebouw zelf, in die zin dat het werktuig het gebouw beter geschikt maakt voor gebruik, dan is de vrijstelling niet van toepassing. Dat is bijvoorbeeld het geval bij liften, roltrappen, verwarmings- en ventilatiesystemen.
Let op: bezwaar maken kan uiteindelijk alleen tegen de WOZ-beschikking zelf. Binnen zes weken na de dagtekening van de beschikking dient u bezwaar te maken. U kunt geen bezwaar maken wegens een onjuiste WOZ-waarde tegen de aanslag inkomstenbelasting of vennootschapsbelasting waar deze waarde een rol in speelt.