Inloggen  |  UK  |  Fr  |  De
Zoeken:

Pas op bij waardeoverdracht pensioenen

vrijdag 8 augustus 2008

Sinds 8 juli 1994 heeft een werknemer een wettelijk recht op waardeoverdracht bij verandering van werkgever. De werknemer moet dan wel binnen zes maanden na deelname in een nieuwe pensioenregeling een verzoek tot waardeoverdracht doen. De werkgever is verplicht daaraan mee te werken. Na de genoemde periode bestaat er geen ‘recht’ meer, maar nog wel de mogelijkheid tot vrijwillige waardeoverdracht.

Werknemers hebben dus een wettelijk recht op de waardeoverdracht van hun pensioenaanspraken bij verandering van werkgever. Tot en met 2007 werd de overdrachtswaarde berekend op basis van een vaste rente van 4%. Met ingang van 1 januari 2008 is dit veranderd en is de overdrachtswaarde gebaseerd op de marktrente.

In ieder geval voor dit jaar kan dit een dure grap worden voor werkgevers. Met ingang van 2008 wordt voor de berekening van de overdrachtswaarde bij de waardeoverdracht namelijk uitgegaan van de marktrente. Deze is voor 2008 door DNB vastgesteld op ruim 4,9% (peildatum oktober 2007). Veel pensioenverzekeraars gaan voor de berekening van de pensioenaanspraken echter uit van een rekenrente van maar 3%. Hierdoor ontstaat bij de overdracht van de pensioenaanspraken een gat, dat de nieuwe werkgever moet aanvullen. Het kan hierbij om grote bedragen gaan.

In de Pensioenwet zijn diverse bepalingen opgenomen met betrekking tot waardeoverdracht. De technische uitvoering van de waardeoverdracht wordt krachtens de Pensioenwet nader geregeld in:

a. het Besluit Uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte Beroepspensioenregeling;

b. de Regeling Pensioenwet en Wet verplichte Beroepspensioenregeling.

Zoals eerder aangegeven hebben veel direct verzekerde pensioenregelingen de aanspraken verzekerd op 3% rekenrente. Het feit dat de rekenrente voor waardeoverdracht nu wijzigt, heeft forse gevolgen als een werknemer die van werkkring verandert, overgaat naar een pensioenregeling bij een andere verzekeraar. In dat geval worden de pensioenaanspraken ingekocht op basis van 3%, terwijl de waarde die feitelijk wordt overgedragen is berekend op 4,9%. Hoewel minder groot kunnen ook verschillen ontstaan, wanneer het pensioen wordt overgedragen aan een pensioenfonds dat nog werkt met een rekenrente van 4%. Volgens de geldende waardeoverdrachtregels moet de nieuwe werkgever het verschil aanvullen. Veel werkgevers zijn zich niet bewust van deze mogelijk forse consequentie wanneer een nieuwe werknemer gebruik maakt van het wettelijk recht op waardeoverdracht.

Het is overigens niet zo dat het geld bij de verzekeraars blijft hangen. In geval een werknemer vertrekt en zijn pensioenaanspraken meeneemt, krijgt de oude werkgever het teveel aan gereserveerde voorziening terug.

De datum waarop de oude pensioenuitvoerder overdrachtswaarde dient te bepalen, is gelijk aan de datum waarop de nieuwe pensioenuitvoerende de omvang van de in te kopen pensioenaanspraken vaststelt. In het Besluit Uitvoering Pensioenwet en Wet verplichte Beroepspensioenregeling is bepaald dat de berekeningsdatum de datum is waarop de deelnemer aan de nieuwe pensioenregeling is gaan deelnemen. Met andere woorden: ligt de datum van opname in de nieuwe pensioenregeling in 2007, dan moet men rekenen met 4% ook al vindt de daadwerkelijke overdracht pas plaats in 2008.

Een kort rekenvoorbeeld. Stel: u neemt een man van 45 jaar aan met een reeds opgebouwd ouderdomspensioen van 12.000 euro en een opgebouwd nabestaandenpensioen van 8.400 euro. De overdrachtswaarde op 4,9% bedraagt dan ongeveer 63.000 euro. Voor een regeling met een rekenrente op 4% is ongeveer 80.000 euro nodig om hetzelfde pensioen te kunnen aankopen. Bij rekenrente van 3% is ongeveer 107.000 euro benodigd. Dit betekent dus een benodigde aanvulling van respectievelijk 17.000 of 44.000 euro. De aanvulling komt volledig voor rekening van de nieuwe werkgever.

Ter vergelijking: in 2007, toen nog de vaste rente van 4% gehanteerd werd, waren in dit voorbeeld geen kosten voor waardeoverdracht bij een 4%-contract en ongeveer 27.000 euro bij een 3%-contract. Kortom, een zeer forse kostenstijging die verder kan oplopen naar mate de over te nemen pensioenen hoger zijn. Dit is vaak het geval bij de oudere werknemers.

Het omgekeerde speelt ook. Als u een pensioenregeling heeft met een rekenrente van 3% en een vertrekkende werknemer draagt zijn pensioenaanspraken over naar zijn nieuwe werkgever, dan zou u in het bovenstaande voorbeeld een teruggave krijgen van ongeveer 44.000 euro. Dit bedrag wordt dan in uw rekening-courant met de verzekeraar gecrediteerd.

In december 2007 is bij de behandeling van de zogenoemde ‘Veegwet Pensioenwet’ door de Tweede Kamer een motie aangenomen waarin de regering wordt verzocht om in overleg te treden met de Stichting van de Arbeid en de pensioenkoepels om voor de zomer 2008 met voorstellen te komen om de kostenproblematiek bij waardeoverdrachten op te lossen. De politiek heeft dit probleem daarom onderkend en de sociale partners gevraagd om daarvoor in overleg met de pensioenkoepels – voor zover dat mogelijk is – een oplossing te vinden. Totdat deze oplossing er is, dient u zich er bij het aannemen van nieuw personeel van bewust te zijn, dat u te maken kunt krijgen met een forse extra kostenpost, indien deze werknemer gebruik maakt van zijn wettelijk recht op waardeoverdracht.

Voor de goede orde wijzen wij u erop, dat de werknemer een wettelijk recht heeft op waarde-overdracht. In het kader van de arbeidsvoorwaarden kan de werkgever echter met de werknemer overeenkomen, dat deze geen beroep doet op dit recht. Is de beoogde werknemer niet bereid om af te zien van zijn wettelijk recht op waarde-overdracht, dan kan dit een argument zijn om niet met elkaar in zee te gaan. Het is overigens nog maar de vraag, of waardeoverdracht altijd een voordeel oplevert voor de werknemer.



Categorie: Personeel

GIBO Groep Accountants en Adviseurs
Als je bedrijf je leven is

Hoofdkantoor:
GIBO Groep Arnhem
Meander 261, 6825 MC
Telefoon (026) 354 26 00

Schrijf u in voor onze digitale nieuwsbrief

Heeft u vragen?
Neem contact met ons op.
Vraag hier brochures/folders over onze dienstverlening aan.
Contact met één van onze 60 vestigingen.